Archive for Opvoeding

Wanneer leert een baby kijken?

86499211

Je denkt er misschien niet zo over na wanneer je (nog) geen kinderen hebt, maar hoe een baby leert kijken is een heel proces. Pas wanneer een baby zijn of haar eerste levensjaar bereikt heeft, kan het net zo goed en scherp kijken als een volwassen persoon. In het begin zien ze zelfs alleen maar felle lichten, vlekken en sterke contrasten. Maar hoe gaat dit proces eigenlijk in zijn werk? Wanneer ziet een baby wat?

Kom eens even dichterbij
Het begint allemaal in de baarmoeder. Wanneer het ongeboren kindje bijna klaar is om geboren te worden, kan het al een verschil maken tussen donker en licht. De baby ziet bijvoorbeeld wanneer de zwangere moeder binnen of buiten zit. Een pasgeboren baby ziet nog niet heel veel: vooral vlekken, licht en contrasten. In de weken er na kan een baby alleen nog dingen zien die dichtbij hem of haar zijn, op ongeveer 25 centimeter tot 35 centimeter. Pas na een week of vier ziet de kleine kleuren. Niet alle kleuren van de regenboog, maar alleen de primaire kleuren. Wanneer je dus de aandacht wil trekken van je baby, kun je een voorwerp in deze kleuren voor het gezichtje houden.

Bewegende voorwerpen
Wanneer je kindje een paar maanden oud is, merk je vaak dat hij of zij bewegende dingen kan volgen. Met ongeveer vier maanden is een baby in staat dit te doen, voor deze vier maanden hebben baby’s puur aandacht voor stilstaande dingen. Vanaf dit moment gaat een baby ook hoogte en diepte zien. Met een half jaar leert de baby met deze hoogte en diepte om te gaan en kunnen ze bijna net zo scherp zien als een volwassene. Dit verbetert tot ongeveer een jaar, wanneer ze net zo goed kunnen kijken als een volgroeid mens.

Sinds wanneer vieren wij Sinterklaas?

Sinterklaas_zwarte_piet

Wij kennen Sinterklaas als de goedheiligman die elk jaar met zijn knechten naar ons land komt om de lieve kinderen te verwennen met cadeautjes. We vieren het al sinds we klein zijn, onze ouders vierden het toen ze klein waren en zelfs onze grootouders vierden het vroeger al. Maar sinds wanneer vieren Nederlanders nou eigenlijk Sinterklaas? En waar komt St. Nicolaas oorspronkelijk vandaan?

Heel ver terug in de tijd
We beginnen rond 300 na Christus. De historische figuur Nicolaas was bisschop van Myra, Turkije. Hij stierf op 6 december 340 na Christus. Veel later werd hij bekend door al zijn goede daden en daarom werd hij heilig verklaard. Er ontstonden verschillende verhalen over zijn daden. Zo heeft hij bijvoorbeeld drie vermoorde jongetjes terug tot leven gewekt en strooide hij geld in huizen van arme mensen zodat hun dochters een bruidsschat hadden en konden trouwen. Deze heilige, oftewel goedheiligman, was dus toen al een kindervriend.

Sinterklaas in Nederland
Pas sinds de 13e eeuw wordt Sinterklaas, eerder Sint-Nicolaas, gevierd in een groot deel van West-Europa. Tot de 17e eeuw werd er vooral over Sint-Nicolaas gesproken en gezongen, in plaats van dat het echt gevierd werd zoals wij dat nu doen. Hij was eerder bekend als een soort kindervriend en een opvoeder. Rond 1845 treedt hij pas voor het eerst in het openbaar, gehuld in de kleding die wij ook kennen. Later komt ook Zwarte Piet een handje helpen, eerder was het Sint-Nicolaas zelf die met de roe rondliep. Tegenwoordig brengt deze gulle gever cadeautjes mee voor iedereen. Dit stamt dus al af uit een hele oude cultuur van vlak na Christus. Ook is de naam nu iets veranderd: het hele feest is minder gelovig geworden en daarom noemen we Sint-Nicolaas vandaag de dag Sinterklaas.

Hoe gaat een eerste dag op de peuterspeelzaal?

78467228

Voor je het weet is het al zover: je eens zo kleine baby is uitgegroeid tot een zelfstandige peuter van 2 of 2,5 jaar en hij gaat beginnen op de peuterspeelzaal! Veel peuters kijken hier reikhalzend naar uit, voor de ouders is de stap vaak een stuk groter. Hoe gaat het in zijn werk, zo’n eerste dag op de peuterspeelzaal?

Voorbereiding en inschrijving
Het is verstandig je kindje op tijd in te schrijven bij de peuterspeelzaal. Vaak is er een wachtlijst. Heb je de keuze tussen verschillende speelzalen, bekijk dan de websites, vraag rond bij andere ouders of ga eventueel eens langs. Sommige peuterspeelzalen zijn aangesloten bij een basisschool: als je kind straks naar die school gaat, is het extra handig daar nu al naar de peuterspeelzaal te gaan.

Dagindeling
Op de meeste peuterspeelzalen ziet de dagindeling van een dagdeel (kinderen gaan altijd een halve dag) er ongeveer gelijk uit. De dag begint met een inloop, een kwartier of half uur waarin de ouders de kindjes brengen, even samen kunnen spelen en dan weggaan. De kinderen mogen een tijdje vrij spelen. Daarna volgt een activiteit, bijvoorbeeld voorlezen of een knutselwerkje maken. Vervolgens wordt er opgeruimd en is het tijd voor de kring, wat eten en drinken. De dag wordt afgesloten met nogmaals vrij (buiten) spelen.

De eerste keer
Een eerste dag op de peuterspeelzaal is altijd spannend. Zorg ervoor dat je kindje enigszins voorbereid is door er van tevoren boekjes over te lezen of over te praten. Bedenk ook dat wat je in ieder geval aan de leidsters moet doorgeven (bijvoorbeeld een allergie). Geef je kind de tijd om even rustig om zich heen te kijken en ga daarna samen een puzzeltje maken of iets anders doen wat hij leuk vindt. Is het tijd om te gaan, hou het afscheid kort en probeer je eigen emoties in bedwang te houden. Ook al huilt je kindje, het is naar alle waarschijnlijkheid over zodra je uit het zicht bent en hij gaat het hartstikke leuk hebben op de peuterspeelzaal.

Waarom onthouden we foto`s beter dan plaatjes?

Student_teacher_in_China

Mensen leren op allerlei manieren en iedereen heeft zijn eigen manier van leren. Om te weten te komen hoe we leren, moeten we kijken naar de werking van de hersenen. Hier worden namelijk verbanden gelegd tussen verschillende zaken. Deze verbanden worden gereproduceerd in gelijke situaties.

Plaatjes of foto`s

Als het gaat om aanleren van vaardigheden zijn plaatjes (of beelden) daarom ook meer geschikt. Een plaatje geeft vaak geen realistisch beeld weer. Hierdoor kan het niet worden gekoppeld aan situaties. OP foto`s of beeldmateriaal staat een realistisch natuurgetrouw beeld. Hierdoor maken we in ons hoofd een verbinding. Deze verbinding kunnen we dan aanspreken op het moment dat we in zo`n situatie komen.

Pesten als voorbeeld

Plaatjes spreken kinderen aan. Wie echter wil oefenen met gedrag kan dit beter doen in een natuurgetrouwe situatie. Oefenen met contacten in een afgesloten ruimte heeft dus ook minder waarde dan oefenen in een speeltuin of op een schoolplein. Zodra gedrag of handelingen kunnen worden gekoppeld aan plaatsen en personen zal het eerder kunnen worden gebruikt. Een plaatje met twee vechtende kinderen is dus minder waardevol als een foto waarop een kind een ander kind dreigend benadert en andere kinderen er omheen staan.
Wie leert onderwater woorden uit te spreken zal dit onderwater altijd kunnen. In een andere situatie wordt het lastig, omdat de context waarin het gebeurd anders is. Onze hersenen hebben dan moeite om het te koppelen. Klinkt vreemd, maar leren doen we in koppeling van situaties, personen, handelingen en reacties.

Hoe maak ik mijn kind zindelijk?

200270081-001

Luiers, luiers, luiers, elke ouder kijkt reikhalzend uit naar het moment dat die niet meer verkocht en verschoond hoeven te worden. Scheelt een hoop geld en het is vooral veel makkelijker. Maar wanneer is een kind eraan toe om zindelijk te worden? En hoe pak je dat aan?

Klaar voor zindelijkheid
Kinderen worden gemiddeld genomen tussen 2 en 4 jaar zindelijk. Kinderen zijn klaar om zindelijk te worden als ze zelf hun broek naar beneden en omhoog kunnen doen, zelf op het potje kunnen gaan zitten en weer kunnen gaan opstaan én voldoende kunnen praten om aan te geven hoe of wat. Verder is het handig als het kind zich al enigszins bewust is van zijn of haar plas en ontlasting, bijvoorbeeld door zelf een vieze luier aan te geven.

Zindelijkheidstraining
Alhoewel er diverse methodes zijn, wordt algemeen aangenomen dat de ‘luier uit en niet meer aan’ de meest effectieve methode is. Hierbij zorg je ervoor dat je een paar dagen nergens naartoe moet. Zet het potje op een bereikbare plek en leg een stapel broekjes en een dweil klaar. Je doet vervolgens de luier uit. Zet je kind de eerste dag regelmatig op het potje, bijvoorbeeld elk uur. Komt er iets op het potje, maak er dan een groot feest van, klappen, juichen, eventueel een stickertje plakken.

Maar de kans is groot dat er de eerste dag nog weinig gebeurt op het potje en dat het meeste in de broek terecht komt. Wordt niet boos, maar laat je kind zelf ervaren dat het onprettig is een natte broek te hebben. Bij slaapjes overdag en ‘s nachts doe je nog wel de luier om. Als het goed is ga je na een paar dagen merken dat er steeds meer op het potje gebeurt én dat je kind zelf gaat aangeven dat hij moet plassen. Is dit niet geval, dan is het beter even te stoppen en een paar maanden later een nieuwe poging te wagen.

Wanneer laat ik mijn kind testen op Autisme?

autisme wiki

Autisme, wat is dat?
Autisme is een stoornis in de hersenen waarbij kinderen anders naar de wereld kijken en anders denken. Autisme is niet te genezen, maar is een levenslange stoornis. Autisme is er in ontelbaar veel soorten en varianten en komt zowel voor bij kinderen met een verstandelijke beperking als bij kinderen met een normale begaafdheid of juist hoogbegaafdheid.

Wanneer laat ik mijn kind testen op Autisme?
Ieder kind is anders en iedere vorm van Autisme uit zich op een andere manier en in verschillende gradaties. Een kind kan in principe vanaf de leeftijd van vier jaar getest worden op Autisme. De kenmerken moeten dan wel heel duidelijk aanwezig zijn en het kind moet er zichtbaar last van hebben. Met deze zichtbare last wordt bedoeld dat een kind duidelijk belemmerd wordt in zijn functioneren en daardoor bijvoorbeeld onaangepast gedrag vertoont of niet tot handelingen komt.

Specifieke kenmerken van Autisme
Het beeld dat een kind je nooit aankijkt is een duidelijk aspect. Maar er zijn erg veel kinderen met Autisme die je wel aankijken. Denk bij Autisme aan een kind wat niet graag geknuffeld wordt, een kind wat bepaalde dingen altijd op dezelfde manier wil doen. Een kind dat bepaalde handelingen steeds wil herhalen en gefascineerd is door bepaalde voorwerpen die bijvoorbeeld rond kunnen draaien. Een kind dat niet houdt van verrassingen. Dit is maar een kleine greep uit alle aspecten, maar de meest opvallende op jonge leeftijd.

Waar laat ik mijn kind testen?
Allereerst is het belangrijk om je vermoeden met school te bespreken. Indien je kind nog niet naar school gaat, kun je er met je huisarts over praten. Vervolgens maak je een afspraak bij een kinderpsychiater. Ga daar goed voorbereid naartoe om jouw verhaal zo duidelijk mogelijk te kunnen doen. Lees bijvoorbeeld goede boeken over Autisme.

Hoe laat je je baby ‘s nachts langer slapen?

sleeping

Slaaptekort door een baby die ‘s nachts wakker is en niet meer wil gaan slapen. Het zal bijna alle ouders wel bekend voorkomen. En natuurlijk weet je dat als je baby pasgeboren is dit erbij hoort, je stelt je erop in en doet gewoon overdag rustig aan. Maar als je kindje wat ouder wordt en je de dagelijkse bezigheden weer wil gaan oppakken, dan kan dat slaaptekort behoorlijk gaan opbreken. Hier een aantal tips om je kindje beter te laten slapen ‘s nachts.

Regelmaat
Door regelmaat in het leven van je kindje te brengen, weet hij of zij waar ze aan toe is. Met name een ritueeltje voor het slapen gaan is heel belangrijk: zo weet je kindje dat het bedtijd is en zal hij ook eerder gaan slapen dan als je hem pats boem in bed legt.

Zorg dus voor een vast ritueel, voor elk slaapje: bijvoorbeeld samen de gordijnen dichtdoen, de babyfoon aanzetten, een slaapliedje zingen, kusje en in bed leggen. ‘s Avonds kun je dit ritueel wat uitbreiden met bijvoorbeeld pyama aantrekken en een klein boekje ‘lezen’. Word je kindje ‘s nachts wakker, maak dan geen feest maar houd dit ritueel aan en leg hem snel weer in bed.

Genoeg eten
Met een lege maag slaapt het natuurlijk niet lekker! Zeker als een kindje naast melk ook vaste voeding gaat eten, is het soms lastig te bepalen hoeveel je geeft. Kijk goed naar je kindje en bouw een aantal vaste eetmomenten in (ontbijt, lunch, avondeten en twee tussendoortjes). Door hem of haar overdag voldoende te laten eten, is de kans groter dat hij ‘s nachts beter slaapt.

Let wel op dat je je kindje net voor het slapen gaan niet meer vol stopt met eten, ook een papfles net voor het slapen is geen goed idee, je kindje zit dan te vol om lekker te gaan slapen. Wat melk kan natuurlijk wel, maar zorg dat er tussen de laatste echte maaltijd en het naar bed gaan minstens drie kwartier zit.